De VVD-fractie in de Tweede Kamer ziet er geen probleem in dat staatssecretaris Marlies Veldhuijzen van Zanten-Hyllner (Volksgezondheid) een dubbel paspoort heeft. Dat heeft een woordvoerder van de fractie maandagavond gezegd.
Voor de VVD-fractie is het dubbele paspoort van de staatssecretaris geen issue. ”Wij zien er geen probleem in en wachten de motie en de inhoud van het debat af”, zei de woordvoerder van de VVD-fractie.
Alhoewel de laatste mededeling nog ruimte laat, heeft de VVD zich na enkele dagen beraad klaarblijkelijk volledig achter staatssecretaris Veldhuijzen van Zanten-Hyllner geschaard. Beter ten halve gekeerd dan ten hele gedwaald lijkt de conclusie. Zie in deze context dit artikel van mijn hand.
Mocht de VVD onverkort op het ingenomen standpunt blijven staan, dan moet de PVV met de billen bloot:
De in te dienen motie dermate vrijblijvend formuleren dat afwijzing kan worden geaccepteerd. De simpelste nooduitgang uit dit wespennest. Maar wel een met consequenties. Eerstens degradeert de PVV haar motie tot Haagse bluf en niet meer dan holle rethoriek. Waarmee de toon gezet wordt voor eventuele nieuwe moties in de toekomst: “veel geschreeuw maar weinig wol”. Waarmee het imago een stevige deuk op loopt. Immers, de PVV laat zich voorstaan op “een man een man, een woord een woord”. Daarvan blijft weinig zoniet niets over. Ergo: Wilders gaat door het stof. Deze partij blufpoker wordt glansrijk door Rutte c.s. gewonnen.
Als tweede optie kan de PVV de motie formuleren zoals aangekondigd. Consequent, zonder enig voorbehoud en met bijbehorend stemgedrag van de volledige fractie. Kortom: de rug recht houden en staan voor principes en uitgangspunten. Zo wordt Wilders gekend en gewaardeerd door zijn achterban. Dit scenario is in feite de enige echte lakmoesproef. De PVV proeft de nieren van de regeringscoalitie. Het spel is op de wagen en de bal ligt bij de regeringscoalitie: slikken of stikken. Welke uitkomst dit ook zal hebben, feit is dat Wilders niet buigt en evenmin door het stof gaat.
Als laatste optie komt er in de praktijk geen motie van PVV-zijde. Theoretisch maar desalniettemin mogelijk. In feite zou dat neerkomen op de ultieme knieval van de PVV. Persoonlijk zie ik dit niet als een daadwerkelijke optie voor de PVV.
Wel beschouwd is deze kwestie niet meer of minder een krachtproef. Is de PVV verworden tot het “Haagsche pluche” – spelletjes spelen voor de publieke buhne en aloude achterkamertjespolitiek, kortom alles waar ze zich in woord tegen afzet – of is het de PVV menens en is de rug inderdaad zo recht als bij voortduring wordt gesteld.
Het antwoord weten wij binnenkort. En het zal een veelzeggend antwoord zijn.
Geert Wilders wil dat de kersverse staatssecretaris Veldhuijzen van Zanten-Hyllner haar Zweedse nationaliteit opgeeft. Dat heeft hij zaterdag bekendgemaakt.
Hij wenst dat de kersverse staatssecretaris Veldhuijzen van Zanten-Hyllner haar Zweedse nationaliteit opgeeft en wel zo snel mogelijk. Dat heeft hij vandaag bekendgemaakt.
Hij zal dat de CDA-bewindsvrouw vragen in een motie die hij zal indienen tijdens het debat over de regeringsverklaring. Dit debat begint dinsdag 26 oktober en wordt de dag erna voortgezet met de antwoorden van premier Rutte. Tevens gaf hij te kennen niet op de hoogte te zijn geweest van de dubbele nationaliteit van Veldhuijzen van Zanten-Hyllner.
Zoals ik al aangaf heb ikzelf en met mij ongetwijfeld vele anderen geen probleem met de dubbele nationaliteit van Marlies Veldhuijzen van Zanten-Hyllner. Vastgesteld dient echter te worden, dat de PVV-voorman in dezen consequent blijft en is in zijn stellingname.
Wellicht ziet Wilders een mogelijke conflict of interests met betrekking tot het feit dat Zweden het recht op gezondheidszorg en scholing voor illegalen serieus overweegt
zoals hier is aangekondigd. Een overweging die Wilders een gruwel is en haaks staat op hetgeen de PVV voorstaat.
De onlosmakelijke vraag rijst wel de vraag wat de consequenties zullen zijn van de door Wilders in te dienen motie.
De steun van zowel de VVD-fractie alsook de CDA-fractie zijn nagenoeg zeker benodigd om deze aangenomen te krijgen. Een dergelijk scenario betekent niet meer of minder dan een zeer diepe knieval van de regeringscoalitie; zij gaat op die wijze diep door het stof voor de PVV. Waarmee de de wurggreep en feitelijke machtspositie van de PVV op bijzonder pijnlijke wijze glashelder wordt gemaakt en de verhoudingen direct op scherp worden gesteld. Het voortbestaan van de prille coalitie wordt vooralsnog wel veilig gesteld.
Als tweede optie kan de motie niet de benodigde steun krijgen en derhalve verworpen worden. Dit lijkt mij voor Wilders een onaanvaardbaar scenario. Immers, op deze wijze worden de rollen per saldo omgedraaid; de PVV dient een diepe knieval te maken. Waarmee de macht van het gedogen wordt ondermijnd en verwordt tot een teken van onmacht. Wilders is er de persoon niet naar om zich op deze wijze te laten wegzetten. Het voortbestaan van de coalitie is in dat geval zeer twijfelachtig.
Resteert de derde en tevens meest voor de hand liggende optie: Rutte c.s. nemen de komende dagen de tijd om Veldhuijzen van Zanten-Hyllner te bewegen haar Zweedse nationaliteit op te geven. Mocht zulks niet tot resultaat leiden, dan zal ze met zachte doch ferme hand gedwongen worden van haar functie af te zien. Waarmee het probleem de facto is opgelost.
Het blijft afwachten. Feit is en blijft dat in elk scenario er stevige barsten ontstaan tussen betrokken partijen VVD, CDA en PVV. Nu niet direct een start die uitzicht biedt op een stabiel en langdurig voortbestaan.
Onder het mom van landsbelang doet PVV-leider Geert Wilders een ultieme smeekbede aan het CDA teneinde een Paars Pluscoalitie te voorkomen.
Voor PVV-leider Geert Wilders komt „een nachtmerrie” uit als er onderhandelingen beginnen over een Paar Plus-pluskabinet van VVD, PvdA, D66 en GroenLinks. Het persbureau ANP berichtte Dat de PVV-voorman CDA-fractievoorzitter Maxime Verhagen op riep met hem en VVD-leider Mark Rutte te onderhandelen om Paars-plus te voorkomen.
Deze ultieme smeekbede van de PVV is in feite niet meer dan een herhaling van zetten. Wilders tracht het servies te redden door te anticiperen op een teleurgestelde CDA. Welke immers in de Paars Plus-variant buiten de boot dreigt te vallen. In de wetenschap dat VVD, PvdA, D66 en GroenLinks maandag onderhandelingen beginnen over het vormen van een kabinet met een welwillende VVD lijkt deze oproep van Wilders geboren uit wanhoop. Het servies is immers al gesneuveld.
Rutte ziet namens de VVD inmiddels voldoende perspectief in Paars Plus. Ook de PvdA, GroenLinks en D66 zien de komende ontwikkelingen met vertrouwen tegemoet. Dit met de wetenschap dat er nog een aantal grote verschillen dienen te worden overbrugt. Kortom: betrokken partijen zien allen mogelijkheden tot het komen van een regeerakkoord. De neuzen wijzen naar het zich laat aanzien dezelfde kant op:
Met de wetenschap dat het CDA bij monde van Maxime Verhagen tijdens het “coalitiedebat” afgelopen week de PVV heeft uitgesloten op primair inhoudelijk onoverbrugbare verschillen welke de basis vormen van het PVV-gedachtengoed kan het CDA in feite geen draai van honderdtachtig graden (meer) maken. Ook de PVV is zich daarvan ongetwijfeld terdege bewust.
De smeekbede van Wilders gericht aan Verhagen kan in het gunstigste geval dan ook niet anders worden uitgelegd dan een toneelspel voor het Nederlandse publiek met als doel de zwarte piet wederom in het CDA-kamp te leggen. Mijns inziens een te doorzichtige manoevre. Eens temeer met de inhoud van het recente “coalitiedebat” nog vers voor ogen.
Een smeekbede voor de buhne. De karavaan trekt inmiddels gewoon verder.
Alhoewel het informatiekamerdebat nog gaande is, lijkt de conclusie duidelijk. Veel geblaat en weinig wol. Conform hetgeen vooraf viel te verwachten.
Het nog lopende informatiedebat levert veel woorden maar weinig nieuwe inhoud op. Tenzij het debat onverwacht een wending van hondertachtig graden gaat maken is er sprake van niet meer dan herhaling van zetten.
Saillante zaken hebben zich niet voor gedaan. Spaarzame vermeldenswaardige onderwerpen vallen kort samen te vatten:
CDA
Verhagen herhaalde zijn mantra: de opdracht van de (voormalige) informateur was gericht op mogelijke samenwerking tussen VVD en PVV. Daarbij was het CDA geen partij. Met die stellingname kwam hij ongeschonden weg. Weinig verrassend.
VVD
Stelde de PVV voor het blok met de uitnodiging aan Wilders om in de huidige situatie c.q. nu alsnog om de tafel te gaan zitten om tot een basisvergelijk te komen. de PPV-voorman weigert. Verweet de PVV daarnaast te zijn weg gelopen uit de eerste fase en daarmee schuld te dragen ten overstaande van coalitie-onderhandelingen en zijn eigen kiezers.
D66
Pechtold kreeg stevig de mantel uitgeveegd van enerzijds het CDA: “u wijst partijen op voorhand al af, waarmee u geen recht van spreken heeft en Haagse spelletjes speelt”. De VDD strooide en passant extra zout in deze wonde door om dezelfde reden D66 van hypocresie te beschuldigen. Per saldo viel daar geen weerwoord op te formuleren. De prijs die D66 betaalt als fervent voorstander van dit debat. Bepaald niet het beoogde resultaat.
GroenLinks
De pijlen die Halsema afschoot op met name het CDA schampten af op het solide pantser van Verhagen. De VVD gaf terzijde aan dat “de sleutel (onder andere) bij GroenLinks lag wat de randvoorwaarden van de VVD betreft. Een vriendelijke bewoording van “slikken of stikken”. Ook niet direct de uitkomst waar Halsema op zat te wachten.
PVV
Wilders trachtte zijn bekende betoog over de eerste informateronde in ronkende woorden aan de man te brengen. Werd ras door VVD, CDA en anderen in de positie gemanoevreerd dat hij als wegloper schuld had aan de mislukking. Wenste geen antwoord te geven op de vraag van Pechtold/D66 of de PVV voor een democratische rechtstaat staat. Was behoudens zijn spreektijd onzichtbaar.
Voorlopige conclusie
Weinig tot geen nieuws onder de zon. Het initiatief van D66 en GroenLinks lijkt zich eerder tegen deze beiden te hebben gekeerd dan enig voordeel te hebben opgeleverd. Morgen is er weer een dag. Dat Tjeenk Willink de gelegenheid krijgt om aan het echte werk te gaan. Zonder nutteloze tijdverspilling als debatten als deze.
Het politieke spel is op de wagen. Momenteel staat de PVV volledig buitenspel tijdens de informatie die een nieuwe ronde ingaat aanstaande maandag onder leiding van informateur Tjeenk Willink. Tegelijkertijd voorspelt Maurice de Hond zes zetels winst voor de PVV. Een combinatie die de kans op regeringsdeelname van de PVV tot vrijwel nul recudeert.
Wat de informatie betreft speelt PVV-leider Wilders het spel als verwacht, door te stellen dat „Het buitenspel zetten van de PVV als grootste winnaar ondemocratisch is”. Dat klinkt aardig naar de buitenwereld maar is feitelijk onjuist. Wilders is staathuishoudkundig uitstekend op de hoogte en weet dat geen enkel democratisch grondrecht geschonden wordt door de huidige gang van zaken. In de praktijk is hij gedwongen zijn eigen druiven te consumeren: het weigeren om samen met de VDD uit te onderhandelen bij afwezigheid van het CDA. Deze druiven blijken bijzonder zuur.
Feit was, is en blijft, dat vanwege onoverbrugbare partijprogrammatische verschillen in combinatie met vraagtekens omtrent de stabiliteit van en binnen de PVV deze laatste door geen van de mogelijke coalitiegenoten als aanvaarbaar werd en wordt beschouwd. Met deze wetenschap is het niet meer dan logisch dat de informatiekaravaan voort trekt en wel zonder de PVV welke zich per saldo zelf buitenspel heeft gezet.
Met betrekking tot de uitkomst van de recente peiling van Maurice de Hond doemt een significant scenario op. Mocht deze peiling een kern van waarheid in zich dragen – opiniepeilers zitten immers wel vaker behoorlijk mis – dan daalt de kans voor de PVV om deel te nemen aan een regeringscoalitie in evenredige mate.
Alhoewel de beruchte “overall links-rechtsverhouding” niet noemenswaardig verschuift zal de bereidheid van VVD en PvdA (gepeild verlies drie zetels voor beiden) alsook het verlies van het CDA (gepeild verlies vier zetels) laatstgenoemde partijen nog verder verwijderen van de PVV. De peiling is voor partijen immers tenminste een indicatie die wijst naar het mogelijk afbrokkelen van hun kiezersbestand ten faveure van de PVV. Geen van de betrokken partijen zien dit als ook maar een minieme basis om met de PVV in zee te gaan. In tegendeel.
Zo kan zich het fenomeen voordoen dat (toekomstige) groei van de PVV, zelfs tot de grootste partij in Nederland, puur politiek gezien in feite een Pyrrhus-overwinning zou blijken. Hoe groter de partij, des te kleiner de kans op coalitiedeelname.
De conclusie lijkt dan ook meer dan gerechvaardigd dat de PVV noch als eindresultaat van de huidige (in)formatie, noch ingeval van toekomstige groei, als daadwerkelijke coalitiepartner uit de bus zal rollen.
Het is daarnaast aan de bereidheid en wil van de overige partijen welke zijn betrokken bij de nu lopende (in)formatie om een en ander tot een goed einde te brengen en te komen tot een werkzame coalitie. Welke in woord en voornamelijk daad de wind uit de zeilen zal nemen van de huidige momentopname zoals die tot uiting komt in de momentopname welke de peiling van Maurice de Hond in feite is.
Fractieleider Geert Wilders van de PVV trekt zelf de stekker uit coalitie-onderhandelingen en tracht op doorzichtige wijze de zwarte Piet bij het CDA te leggen.
Hedenmorgen heeft het CDA bij monde van Maxime Verhagen tijdens het korte overleg in het gebouw van de Eerste Kamer weer bevestigd dat de VVD en PVV het eerst eens moeten worden over belangrijke punten, zoals de aanpak van de economie en etnische registratie. Een alleszins redelijke eis.
Nu de PVV nagenoeg zeker geen concessies wenst te doen in de onderhandelingsfase met de VVD heeft Wilders zichzelf en de PVV willens en wetens zelf buitenspel gezet en zichzelf daarmee de zwarte Piet toebedeeld.
Mocht dit de einduitkomst blijken wat een mogelijke VDD/PVV/CDA-coalitie betreft, dan kan niet anders dan worden geconcludeerd dat Wilders het spel slecht gespeeld heeft. Hetgeen niet gezegd kan worden van Verhagen.
Het had in de rede gelegen dat Wilders zich op in deze fase onthouden had van de uitspraak dat ”Het CDA gewoon de stekker eruit trekt” en het overleg met de VVD zonder dit publiekelijk statement had voort gezet. Immers, de VVD is nog steeds tot onderhandelingen bereid.
Toch is deze poging om de schuld nu al op voorhand bij het CDA te leggen weliswaar tot mislukken gedoemd, maar enigzins begrijpelijk. Wilders ziet zich immers geplaatst voor een spagaat: verdere onderhandelingen met de VVD betekent in de praktijk aanzienlijk meer water bij de PVV-wijn doen. Waarmee het profiel dat de PVV voor haar kiezers juist aantrekkelijk heeft gemaakt in essentie verdwijnt. Een schrikbeeld voor nu en de toekomst.
Mocht Wilders al genegen zijn dergelijke verregaande concessies te doen ten overstaande van de VVD, dan ligt nog steeds het doemscenario van een uiteindelijk afhakend CDA in het verschiet. Waarna de PVV zich in de situatie terug vindt have en goed te hebben ingeleverd en desalniettemin deelname aan een regeringscoalitie in rook opgelost te zien. Een einduitkomst die door het PVV-electoraat bepaald niet in dank zal worden afgenomen.
De conclusie onder voorbehoud lijkt een duidelijke. Een coalitie inclusief de PVV (b)lijkt verder weg dan ooit, zoniet uitgesloten.
Na een bewogen en unieke Tweede Kamerverkiezingen dient te worden vastgesteld dat Nederland een forse ruk naar rechts heeft gemaakt. Het politieke landschap is daarmee drastisch veranderd. Nederland is vanaf heden opgedeeld in twee machtsblokken. Waarbij de grote winst voor zowel de PVV als de VVD haar stempel drukt en het voortouw genomen heeft.
Op de eerste plaats is een democratische felicitatie aan de enige echte winnaars op zijn plaats. Geert Wilders heeft mijn persoonlijke felicitaties kort na afgelopen middernacht reeds ontvangen. Mark Rutte feliciteer ik bij deze. Ook bij het politieke schaakspel hoort mijns inziens een felicitatie voor de winnaar(s). Dat geldt eveneens in het geval dat de politieke, maatschappelijke en sociale standpunten diametraal staan ten opzichte van de persoonlijke visie. Zoals het geval is bij ondergetekende.
Dat gezegd zijnde: de verkiezingsuitslag liegt er niet om. Nog afgezien van de nog volgende uitkomst van de “buitenlandstemmers” welke mijns inziens grotendeels ten goede zullen komen aan de VVD.
Klaarblijkelijk is de boodschap van de VVD “eigen portefeuille eerst” in zeer goede aarde gevallen bij een groot deel van de Nederlandse kiezer. Al dient opgemerkt dat voor Rutte c.s. de verkiezingen geen week uitstel hadden kunnen velen gezien de vroege piek voorbije week en de ingezette terugval sindsdien. Vroeg, maar net niet te vroeg gepiekt lijkt hier een gerechtvaardigde conclusie.
Het sinds nu beruchte “gordijntjes-effect” (anders stemmen dan publiekelijk kenbaar maken) heeft de PVV bepaald geen windeieren gelegd. Een effect dat door alle beroepsmatige koffiedik-kijkers wederom zwaar is onderschat. Hetgeen overigens eveneens gesteld mag worden met betrekking tot een niet onaanzienlijk deel van de Nederlandse bevolking. Hier kunnen lessen worden geleerd, zoveel staat vast.
In het oog springen daarnaast een tweetal factoren met betrekking tot de landslide welke op het conto van de PVV kan worden geschreven.
Op de eerste plaats blijkt de PVV haar winst te halen uit alle politieke windstreken, van uiterst links, het midden en uiterst rechts. Bij zowel laag, midden als hoog opgeleiden. Uit steden en regio’s waar het “immigratie issue” en Islam geen enkele dan wel een zeer te verwaarlozen rol spelen. En vanzelfsprekend bij dat deel van de kiezers die op welke wijze dan ook in het dagelijkse leven wel degelijk last ondervinden van een losgeslagen minderheid.
Tweedens is de “Limburg factor” een overduidelijk onderschat fenomeen gebleken zoals visueel blijkt uit onderstaand fragment:
In Limburg speelt het Islam-issue niet of nauwelijks. Er is derhalve een andere en specifiek provinciegebonden reden ten grondslag te liggen aan de klinkende winst van de PVV in deze provincie. Deze reden is tweeledig. Enerzijds de totale ineenstorting van het CDA welke van oudsher Limburg als een sterk bastion mocht beschouwen als het op verkiezingen aankwam.
Anderzijds het gegeven dat Limburg en haar inwoners zich op allerlei gebieden (nog) steeds achtergesteld voelen ten opzichte van andere provincies in combinatie met het gegeven dat het besef is doorgedrongen dat “een van hun” als machtsfactor een compensatie kon gaan bieden voor het al genoemde gevoel van achterstelling. Als geboren Limburger kan ik u verzekeren dat deze factor zonder enige twijfel een grote rol heeft gespeeld.
Al met al heeft de ruk naar rechts Nederland in een positie gemanoevreerd waarbij het vormen van een coalitie vrijwel tot de onmogelijkheden behoort.
Rutte c.q. de VVD heeft het voortouw strak in handen. Nagekomen “buitenland-stemmen” kunnen de VVD eenvoudig aan een extra zetel helpen. Waarmee in principe de deur naar een VVD/PVV/CDA-coalitie zoniet open, dan toch op zijn minst op een stevige kier staat. Primaire voorwaarde is de lakmoesproef welke de PVV dan moet doorstaan: opgeven dan wel zware concessies aan haar breekpunten, zoals het AOW-embargo. Daaruit zal blijken of de PVV daadwerkelijk wenst te gaan regeren of niet. Alhoewel het CDA er goed aan zou doen in de oppositie te haar wonden te likken en haar zaken weer zo goed als mogelijk op een rijtje te krijgen is het zomaar mogelijk dat – na het wegvallen van Balkenende – participatie in deze coalitie op weinig weerstand zal stuiten binnenskamers. Daarmee zou Nederland te maken krijgen met het meest rechtse kabinet in haar politieke geschiedenis. Voor vele Nederlanders een nachtmerrie-scenario. Mijzelve incluis.
Naar mijn mening kan er gerekend, geschoven en wat dies niet meer zij worden als het gaat om een mogelijke Paarse, Paars-Plus of welke andere coalitiemogelijkheid dan ook: een dergelijke optie is realistisch bezien niet meer dan een theoretische. Hoe graag zo ongeveer de helft van de Nederlandse stemmers anders zouden willen zien, mijn persoon inbegrepen.
De conclusie van dit al belooft vooralsnog niet veel goeds. Een ultra-rechts VVD/PVV/CDA-kabinet met consequenties die eenieder eenvoudig in kan vullen en met onverhoopte consequenties welke een scheuring kan opleveren in Nederland ingeval bijvoorbeeld groepen extreme PVV-aanhangers op grond van de PVV-winst een vrijbrief tot eigenmachtig optreden zien ten opzichte van alles wat maar riekt naar de Islam en moslims. De gevolgen van zo’n scenario zijn van dien aard dat ik persoonlijk ze niet wil visualiseren.
Er resteert daarnaast mijns inziens slechts een enkel alternatief: VVD/PVV komen er niet uit in de (in)formatie. Het “rondje over links” levert per saldo geen resultaat op. Binnen luttele maanden na heden mogen wij allen nogmaals de gang naar de stembus maken. In de hoop en met het bewustzijn van de verantwoordelijkheid van eenieder om niet in herhaling te vallen.
Nederlandse ingezetenen zijn slechts gebaat met een regerbaar land, zonder reeele kansen op sociaal-verwerpelijke excessen. Dat geldt voor iedereen, PVV-aanhangers, VVD-ers inbegrepen. Kortom: voor ons allemaal.
Staatssecretaris Van Bijsterveldt, de nummer vijf op de CDA-lijst, heeft verklaard dat het CDA de voorkeur geeft aan een coalitie met de VDD, D66 en GroenLinks. Van Bijsterveldt noemt de PVV een partij van stilstand en “dat leidt meestal tot achteruitgang”.
Het CDA wil geen partijen uitsluiten. “Maar het is wel heel belangrijk dat er een coalitie komt, die hervormingezind is”, aldus Van Bijsterveldt. Volgens haar zijn de VVD, D66 en GroenLinks, net als het CDA, partijen die pleiten voor onder meer een sterke economie en voor solidariteit.
Ze denkt dat een coalitie met D66 mogelijk is, ondanks de tegengestelde standpunten over de hypotheekrenteaftrek. En de VVD wil wel “desastreuze ingrepen in de zorg”, stelt ze. Maar deze tegenstellingen zijn overbrugbaar.
Aldus verklaarde Van Bijsterveldt ten overstaande van de NOS vandaag:
Een voorzichtig maar desalniettemin duidelijk statement van het CDA. De omschrijving van de PVV is tenminste veelzeggend. In deze fase van de verkiezingsstrijd mag een dergelijk statement op zijn minst opmerkelijk genoemd worden. Zonder uitsluiting van partijen lijkt het CDA in voorzichtige start te maken met het bekennen van kleur. Enigzins te verwachten en in de lijn van mijn vorig artikel Rutte gaat bord Wilders leeg eten. Laat ons zien hoe het spel zich verder ontwikkelt.
Door aan te geven dat een VVD-CDA-PVV-kabinet een uitkomst kunnen zijn na 9 juni heeft VVD-voorman een uiterst slimme tactische zet gedaan op het huidige politieke schaakbord.
Enerzijds ligt het voor de hand dat de beoogde opzet om het bord van de PVV-fractieleider Wilders zoveel als mogelijk leeg te eten hetgeen resulteert zetelwinst voor de VVD en dienovereenkomstig zetelverlies van de PVV een forse kans van slagen heeft. In algemene zin is stemmen op de VDD nog steeds aanzienlijk sociaal-aanvaardbaarder dan een stem op de PVV. Hetgeen niet meer dan een sociaal aanvaardbare vrijbrief is voor vele potentieele PVV-stemmers om te switchen naar de VVD.
Anderzijds minimaliseert deze VVD-actie de uiteindelijke zeteluitkomst met name voor de PVV. Hetgeen er in de praktijk toe kan leiden dat de PVV met een zetelaantal van maximaal vijftien zetels na 9 juni aanstaande weliswaar nog steeds als gedoogsteunpartner kan fungeren, maar met aanzienlijk minder impact.
Het inmiddels alom bekende AOW-embargo van de PVV is en blijft op tafel; de PVV kan het zich niet veroorloven ook haar laatste kroonjuweel op te geven. Niet voor niets wijst Rutte in het voorbijgaan eveneens op het linkse economische profiel van de PVV. ‘Net zo links als de SP.’ In feite houdt Rutte het PVV-publiek een worst voor. De kans op succes is daarbij aanzienlijk.
De vraag rijst daarnaast, of de CDA-stemmer zich gelukkig prijst met de stellingname van Rutte. Weliswaar houdt het CDA bij monde van Balkenende een coalitie met alle partijen open; of de CDA-stemmer zich thuis voelt hierbij is nog maar zeer de vraag.
Het zou zeer wel kunnen dat een en ander aanzienlijke zetelwinst voor de VDD oplevert ten koste van eerstens de PVV en daarnaast ten koste van het CDA. Dit levert weliswaar geen verschuiving op tussen het zogenaamde rechtse blok versus het linkse blok; die strijd lijkt al voor goed beslecht. Wel zou er een verschuiving binnen het rechtse blok in de rede liggen. Met de VVD als winnaar en het CDA en de PVV als verliezers. Waarmee de positie van de VVD andermaal versterkt wordt.
Het bord leeg eten van tenminste de PVV. Naar mijn mening een briljante politieke zet van Rutte. De PVV kan nu slechts lijdelijk toezien; het CDA dient een keuze te maken alle opties open te blijven houden of publiekelijk nuances aan te brengen. Ook voor het CDA staat hiermee veel op het spel.
Het premiersdebat geleid door Frits Wester heeft per saldo weinig nieuws gebracht. Bekende stellingen werden herhaald en de hakken werden nogmaals stevig in het zand gezet. Niet onverwacht. De focus lag immers in eerste instantie op hoe goed of slecht de deelnemende lijsttrekkers Balkenende, Cohen, Rutte en Wilders zich staande wisten te houden in een rechtstreekse en direct uitgezonden confrontatie op de beeldbuis.
Een korte nabeschouwing is niettemin op zijn plaats.
debatleiding
Hoe hoog men Frits Wester ook mag inschatten, mijns inziens had hij zijn avond niet. Met name in het eerste deel van het debat liet hij zaken passeren waar overduidelijk ingegrepen had moeten worden. Met name tijdens de een-op-een debatten waarin Wilders de confrontatie aanging met Cohen liet Wester na in te grijpen daar waar ondanks uitdrukkelijk verzoek om de opponent uit te laten praten Wilders zich alle ruimte toe eigende. Dat valt Wilders uiteraard niet te verwijten. De grenzen worden gezocht tot de scheidsrechter ingrijpt. De scheidsrechter liet het echter afweten. Een manco dat zich gedurende het gehele verdere debat wel vaker voor deed. Dat dit impact had op de kwaliteit van het debat was evident en spijtig.
presentatie
Anders dan de exit poll van de publieke opinie, was naar mijn bescheiden mening Balkenende met grote voorsprong wat presentatie betreft de winnaar van dit debat. De mogelijkheid die hem door de anderen werd geboden om min of meer terzijde op rustige wijze boven de partijen te staan in combinatie met zo nu en dan duidelijk geformuleerde stellingnames leverden een “staatsman” imago op. Deze rol lijkt hem uitstekend te liggen; wellicht beter dan het premierschap zelve. Het voor toendertijd PvdA-voorman Bos versus Balkenende beeld doemde op. Met desastreuze gevolgen voor Bos indertijd.
Als goede tweede mag wat mij betreft Rutte genoemd worden. Losjes en puntig formulerend, ontspannen en met een althans voor mij onverwachte kunst tot debatteren.
Wilders wordt door mij een derde plaats toebedeeld. Hij benutte de hem toebedeelde tijd en ruimte meer dan feitelijk toegestaan, met name in aanvang van het debat. Daarnaast koppelde hij gedrevenheid aan een redelijke mate van ontspanning. Weliswaar beperkt tot het PVV-stokpaardje immigratie en Islam, maar toch. Daar staat tegenover de welbekende verdwijn-truc: weglopen tijdens een een-tweetje met Cohen. Een zwaktebod waarbij mijns inziens Frits Wester had moeten ingrijpen.
Cohen kan ik niet anders dan als minste van de vier aanmerken wat presentatie aangaat. Een “staatsmanschaps-allure” verdraagt zich niet met het overduidelijk laten blijken van ergenis en boosheid. Het feit dat na de faux pas omtrent het niet bekend zijn van feitenmateriaal hij de draad tenminste tijdelijk kwijt was mag evenmin als sterk punt worden aangemerkt. Duidelijk werd eveneens dat Cohen geen passend antwoord had op de fanatieke olifantencharges van Wilders. Cohen heeft zeker premiercapaciteiten mijns inziens. Als debater gaat het hem stukken minder af.
inhoud
Inhoudelijk viel er niet zoveel nieuws te genieten. Oude wijn in oude zakken. Op een summier aantal punten na dan. VVD-voorman Rutte stelde omonwonden vast dat “een stem op de PVV een verloren stem is” vanwege het embargo van de PVV omtrent de verhoging van de WAO-leeftijd. Daarmee zette hij Wilders terecht op zijn plaats. Dit PVV-embargo sluit elke kans op actieve coalitiedeelname volledig uit. Wilders kan slechts hopen op een gedoogsteunrol naar Deens model. Meer zit er feitelijk niet in.
tactiek
Opvallend maar niet onverwacht: alle pijlen werden gericht op Cohen. Gegeven de politieke kleur en standpunten van de overige deelnemers lag dat op voorhand enigszins in de lijn der verwachting. Op een enkele oprisping na vormden zich de contouren van een VVD/CDA-blok. Waarbij Rutte nadrukkelijk viste in de PVV-vijver. Balkenende op zijn beurt lonkte naar vele kanten en wenste primair de “weglopers” van de laatste maand wederom binnen te hengelen. Cohen deed mijns inziens voornamelijk aan damage control. Een rol waarin hij min of meer gedwongen werd dan wel zich in liet dringen.
Als ik de man na het debat een intervieuwtje zie weg geven sterkt dat mij eens temeer in de overtuiging dat hij zich niet moet laten dwingen in het keurslijf van de PvdA spindocters, maar vooral zichzelf dient te blijven. De losse ontspannenheid en het gemak van formuleren tijdens dat interview achteraf versus zijn optreden tijdens het debat vormen een verschil van dag en nacht.
conclusie
Daar is het eigenlijk nog te vroeg voor. Wel mag gesteld worden dat indien dit debat model staat voor hetgeen nog gaat komen, in mijn optiek een coalitie inclusief de PvdA verder weg lijkt dan ooit en een CDA/VDD combine plus (X – PVV) meer en meer tot de mogelijkheden gaat behoren. Nog afgezien van de gedoogsteunvariant van een minderheidscoalitie.